Vlag van de EU

Van 22 tot 24 juni 2022 vond de vergadering van bevoegde autoriteiten (CA-meeting) voor biociden plaats. Lees het beknopte verslag.  

Carriers 

Er is besloten 'carriers' voorlopig per geval te blijven beoordelen. Een 'carrier' is het medium waarop/in de biocide zit. Denk aan doekjes met een desinfecterende werking of mondmaskers met een desinfecterende werking. De belangrijke vraag: 'moet de carrier meegenomen worden in de beoordeling van het biocide product?' is niet algemeen te beantwoorden. Deze vraag wordt teruggestuurd naar de ECHA-werkgroepen. Naar het besluit.  

Waarschuwingszinnen op etiket 

De CA-meeting heeft besloten dat het de verantwoordelijkheid van de aanvrager is én blijft om het etiket en de waarschuwingszinnen die erop staan te laten voldoen aan zowel de SPC-vereisten als de CLP Classification, Labelling and Packaging -verordening. Deze waarschuwingszinnen mogen elkaar niet tegenspreken.  

Eerder werd de vraag gesteld of er een meer eenduidige set van waarschuwingszinnen opgesteld moest worden door de bevoegde autoriteit. Er is nu voor gekozen de aanvrager de vrijheid te laten om binnen de kaders van de huidige wetgeving zelf een voorstel te maken voor de waarschuwingszinnen die hij nodig acht. Hiermee wordt de bestaande praktijk bevestigd. Naar het besluit.  

In situ gegenereerde stoffen 

Voor in situ gegenereerde stoffen is besloten dat de formulering 'op de markt aanbieden' geen beletsel mag vormen voor de toepassing van BPR artikel 19, lid 4. Dit houdt in dat bij in situ gegenereerde stoffen in de beoordeling vanaf nu gekeken wordt naar alle stoffen die in het proces betrokken zijn, ongeacht welke stof aangewezen wordt als werkzame stof. Naar het besluit. 

Op voordracht van Duitsland is voor nieuwe vragen die opkomen over de regelgeving rond in situ gegenereerde biociden een ad hoc werkgroep opgericht. Nederland neemt ook deel aan deze werkgroep.   

Hormoonverstorende eigenschappen bij hulpstoffen 

Voor hulpstoffen met hormoonverstorende eigenschappen is een drempelwaarde vastgesteld van 0.1% w/w voor de stof die als tot bezorgdheid aanleiding gevende stof (substance of concern of SoC) wordt aangemerkt. Dit is consistent met de eerder vastgestelde drempelwaarde voor hulpstoffen die PBT (persistent, bioaccumulerend en toxisch). Deze drempelwaarde werd in juni vorig jaar vastgesteld. Voor beide soorten stoffen geldt dat er voor de producent een plicht geldt om deze stoffen waar mogelijk te vervangen. Naar het besluit.  

Productsoort 21 (antifouling) 

De CA besprak de aankomende (her)beoordeling van werkzame stoffen binnen productsoort 21 (antifouling). Ter voorbereiding op deze beoordeling heeft de Europese Commissie enkele vragen gesteld aan de lidstaten en stakeholders. Nederland heeft op dit vlak bijgedragen aan het ontwikkelen van de beoordelingsmethodiek. Ook nu zal Nederland haar kennis weer inbrengen. Dat doet Nederland door onder andere de recente onderzoeken naar niet-chemische alternatieven voor antifouling in te dienen.  

Voortgang werkprogramma

Tijdens de CA-meeting is een samenvatting van reacties van lidstaten op de brandbrief van Eurocommissaris Kyriakides behandeld. Kyriakides sprak haar zorg uit over de voortgang van het werkprogramma. In de samenvatting wordt benoemd welke oorzaken voor de vertraging verschillende lidstaten zien. Maar ook wat zij gedaan hebben, of gaan doen, om het programma zo snel mogelijk af te ronden. De lidstaten waarvan nog geen reactie ontvangen was, werden aangespoord de brief onder de aandacht van de verantwoordelijke minister te brengen. 

Fosfine 

Lidstaten reageerden positief op het voorstel van Nederland om de etikettering van gassingsmiddelen op basis van fosfine Europees te harmoniseren. Deze gassingen worden ingezet voor de behandeling van bederfelijke waar tijdens transport. Dit is een van de maatregelen die Nederland neemt om ongelukken met fosfine behandelde ladingen in de toekomst te voorkomen. Naar het Nederlandse voorstel. Het KNB berichtte eerder over het gebruik van fosfine in de binnenvaart

Overig 

Enkele onderwerpen die ook tijdens de CA-meeting werden besproken zijn: het voorstel voor een nieuwe CLP-verordening, het EU-bestuiversinitiatief en de nieuwe ‘Statistics on agricultural input and output’ (SAIO)-verordening. Het Europees Parlement (EP) heeft voorgesteld biociden die worden gebruikt in de agrarische sector ook onder de SAIO-verordening te laten vallen. Uiteindelijk is in de trialogen (de onderhandelingsgesprekken tussen de Commissie, het Parlement en de lidstaten) besloten biociden nog niet mee te nemen tot in elk geval na de afronding van het werkprogramma.  

Disclaimer 
Aan dit verslag kunnen geen rechten worden ontleend. Voor wat betreft geciteerde en gelinkte documenten geldt dat altijd de laatste versie leidend is. De documenten bij de vergadering staan  op het publieke gedeelte van CIRCABC.