De Europese Commissie (EC) stelt voor om een aantal wetgevingen voor chemische stoffen te vereenvoudigen. Dit heet het ‘Omnibus-voorstel’. Het Ctgb vindt dat in het voorstel belangrijke randvoorwaarden missen. Zo is niet geborgd dat nieuwe wetenschappelijke inzichten over risico’s van stoffen tijdig en systematisch worden gesignaleerd.

Het Ctgb stuurde hierover een adviesbrief aan de minister van LVVN Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur) en de staatssecretaris van IenW Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat). De ministeries kunnen de adviezen van het Ctgb onder de aandacht brengen van de EC.

Randvoorwaarden voor het stoppen van de periodieke herbeoordeling

De EC stelt voor om veel werkzame stoffen in biociden in principe ‘voor altijd’ goed te keuren. Het Ctgb verwelkomt het voorstel om niet alle stoffen periodiek te herbeoordelen, maar selectief te zijn op basis van de risico’s die een stof heeft. 

Het college stelt hierbij twee belangrijke randvoorwaarden:

  • Het Ctgb vraagt om een Europees systeem dat ervoor zorgt dat nieuwe wetenschappelijke inzichten over risico’s van stoffen tijdig en systematisch worden gesignaleerd. Dit dient als basis voor de selectie van de juiste stoffen voor een herbeoordeling.
  • Ook vindt het Ctgb dat de EC een werkprogramma voor de herbeoordeling van deze stoffen moet maken. Dat werkprogramma moet regelmatig worden bijgewerkt.

‘Stoffen van natuurlijke herkomst’

In de adviesbrief gaat het Ctgb ook in op de EC-voorstellen voor ‘stoffen van natuurlijke herkomst’. Dit gaat echter alleen over gewasbeschermingsmiddelen.

Meer informatie