De Biocidenverordening kent onder voorwaarden de mogelijkheid om meerdere biociden onder één toelating te laten vallen. Voor producenten maakt dat de markttoegang gemakkelijker en de administratieve last lager. De verordening gebruikt voor deze toelatingen op basis van dezelfde werkzame stof(fen) het begrip ‘biocidefamilie’.

Een biocidefamilie is een groep biociden waarvoor geldt dat ze:

  • soortgelijke toepassingen hebben; 
  • dezelfde werkzame stof(fen) bevatten;
  • een soortgelijke samenstelling hebben waarbij specifieke variaties mogelijk zijn;
  • een soortgelijk risiconiveau en een soortgelijke werkzaamheid hebben.

Biocidefamilies krijgen net als individuele biociden een toelatingsnummer, ieder lid van de familie krijgt ook nog een achtervoegsel. Een aanvraag voor nationale toelating (met of zonder wederzijdse erkenningen) of Unietoelating kan betrekking hebben op zowel een individuele biocide als een biocidefamilie. 

Familieleden toevoegen

De toelatinghouder kan, nadat een biocidefamilie is toegelaten, familieleden toevoegen. Daarvoor hoeft hij geen nieuwe aanvraag tot toelating te doen, een kennisgeving volstaat mits men binnen de toelatingsvoorwaarden van de familie blijft.

Tenminste 30 dagen voordat het nieuwe familielid (biocide) op de markt komt, informeert de toelatinghouder de bevoegde autoriteit die een nationale toelating voor een biocidefamilie heeft verleend over dit nieuwe familielid (biocide). Deze kennisgeving is niet nodig als de variatie in de samenstelling uitsluitend geur- en kleurstoffen binnen de toegelaten variaties betreft.

De kennisgeving bevat de exacte samenstelling, de handelsnaam en het achtervoegsel van het toelatingsnummer. Bij toelatingen van de Unie stelt de houder van de toelating het agentschap en de Commissie in kennis.

Meer informatie is te vinden op de website van het Ctgb.